White Collar Boxing Event

Bokser Roel Waals

In de aanloop naar het White Collar Boxing event zetten we regelmatig een bokser in de spotlights! Waarom doen de boksers mee, wat drijft ze en waar lopen ze tegenaan in de voorbereidingen?

Wie?: Roel
Leeftijd?: 41 jaar
Hoe lang boks je?:  4maanden

Wat is je motivatie?: de persoonlijke uitdaging en Lymph & Co

Even voorstellen

Roel is 41 jaar en woont samen met Lenneke en hun dochter Merel in Rotterdam. Daarnaast heeft hij nog twee dochters Valentijn en Madelief. Roel is eigenaar van een software bedrijf voor HR management voor detachering- en uitzendbedrijven.

Over boksen

Roel is pas 4 maanden geleden begonnen met boksen bij TYR. Afgelopen jaar deed Maarten mee met het White Collar Boxing event. Toen hij dat zag was hij meteen enthousiast en vond hij het echt iets voor hemzelf. Op het moment dat Maarten hem uitdaagde mee te doen en ook zijn collega Guido mee ging doen, moest hij zijn ‘grote mond’ waarmaken en kon hij niet meer terug.

Roel is gewaarschuwd voor de tijd en energie die het kost en de aanslag op zijn lichaam. Hier werd hij wat angstig van, maar hij dacht ook “hoe erg kan het zijn? Laten we maar beginnen!” Voor de allereerste les heeft hij ook meteen alle benodigde boks spullen gekocht. “Dan kon ik niet meer terug.”

Inmiddels traint hij 4 keer in de week met de White Collar boxers en werkt hij 1 keer in de week extra aan zijn conditie door te gaan hardlopen. “Hardlopen schijnt goed voor je te zijn, als er was geadviseerd om te gaan fietsen dan had ik dat gedaan. Ik volg het advies op.” Als kers op de taart heeft Roel af en toe een personal training om samen te kijken hoe hij nog beter kan worden.

Het leukste van boksen vindt hij dat hij dat je jezelf leert kennen en dat je je angsten overwint. “Je gaat je niet voor je lol op je gezicht laten slaan.” Je moet blijven kijken als dat gebeurd en daar wordt hij steeds beter in. Ook zit het niet in Roel zijn natuur om te slaan. “Als je de mogelijkheid ziet, dan is het toch lastig om ervoor te gaan.”

“De enige manier om je te verdedigen is om te blijven kijken!”

Het combineren van lichaam en geest, zodat het ergens op lijkt is waanzinnig moeilijk. “Je leert steeds meer en ziet op een gegeven moment dat je het wél kan. Iedereen kijkt weg als er een vuist op je afkomt, terwijl de enige manier om je te verdedigen is om te blijven kijken”.

Als Roel helemaal stuk gaat tijdens het sparren denk hij soms aan een lekker koud biertje, maar meestal aan hoe lang twee minuten kunnen zijn. “In het begin denk je oh drie keer twee minuten, maar als je daar middenin zit dan vraag je je af of die twee minuten ooit nog een keertje gaan stoppen. Het enige waar je dan aan denkt is overleven, want dan heb je een hele minuut pauze.”

Op weg naar het event

Het doel van het event “knokken tegen lymfeklierkanker” raakt Roel. Hij heeft de ziekte helaas van dichtbij mee moeten maken. “Je ziet hoe belangrijk onderzoek is, want er is zo veel progressie geweest in de afgelopen 10 jaar. Je ziet wat er met het geld gedaan wordt.”

De vraag “wat voor bokser ben je?” vindt hij lastig te beantwoorden. “Het ligt eraan hoe ik mijzelf voel. Over het algemeen boks ik best wel aanvallend, maar ik ben geen counter bokser”. Roel moet dus nog ontdekken wat voor bokser hij echt is. “Bij aanvallend boksen is het vooral een uitdaging om mijn energie te verdelen. Ik leer snel en zie dan ook veel vooruitgang!”

“Je wil niet voor lul staan, je wil bewijzen dat je hard getraind hebt.”

Roel wil in ieder geval een gaaf gevecht neerzetten en lekker gaan boksen. Hij realiseert zich dat je dan veel adrenaline in je hebt en misschien wel kan verstijven. “Er komen veel mensen kijken, je geeft aan dat je hard traint. Je wil niet voor lul staan, je wil bewijzen dat je hard getraind hebt.”

Zijn opkomstnummer op 6 april is de theme song van Kill Bill, ‘Battle without honor or humanity’. Dit nummer heeft lekker veel power, pept Roel op en zorgt ervoor dat het een beetje agressie opwekt. Omdat hij niet agressief is van zichtzelf, vindt hij het wel lekker dat deze muziek helpt.

Er zijn een aantal boksers waar Roel liever niet mee in de ring wil staan. “Die zijn net wat beter, zeg maar echt heel veel beter”. “Als ik tegen Ruud of Franklin moet, nou vergeet het dan maar. Dan sta ik denk maar een halve ronde. Je spart wel vaak met ze, maar je weet dat ze maar op 30% van hun kunnen aan het aaien zijn.”

Het belangrijkste is misschien wel het traject naar het event toe. “Ik denk dat dat misschien nog wel leuker is en dat ik daar de meeste herinneringen aan overhoud. Misschien wel meer dan 6 april zelf, maar dat zal die dag gaan uitwijzen.”